|
Begin dit jaar dienden de senatoren Patrik Vankrunkelsven, Annemie Van de Casteele en Jacques Germeaux een wetsvoorstel in tot afschaffing van het verstrekkingenregister. Tijdens de bespreking ervan rees de vraag of het verstrekkingenregister wel noodzakelijk was als controle-instrument voor het RIZIV, het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invalidteitsverzekering. Om meer klaarheid te krijgen besliste de Senaatscommissie voor de Sociale Aangelegenheden om een gedachtewisseling te organiseren. Naast Vincent Van Quickenborne werd hiervoor ook Charles Vranckx, algemeen geneesheer-inspecteur bij de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het RIZIV, uitgenodigd.
Het verstrekkingenregister veroorzaakt enorm veel administratieve rompslomp voor de 40.000 zorgverstrekkers die het moeten bijhouden. Gemiddeld besteden ze 60 à 75 minuten per week aan het bijhouden van het verstrekkingenregister, goed voor een totale kost van 80 miljoen euro per jaar.
De uiteenzetting toonde eveneens aan dat het verstrekkingenregister nauwelijks wordt gebruikt als controle-instrument. In de periode vanaf 1 januari 2001 tot mei 2005 startte het RIZIV 193 controles op inzake verstrekkingsdossiers. In slechts 69 gevallen werd een sanctie uitgesproken voor een totaal bedrag van 623.000 euro. Die sanctie is voor de weinige zorgverstrekkers die er één zonder uitstel oplopen, zeer zwaar. Dikwijls moeten die miljoenen Belgische frank terugbetalen aan het RIZIV.
Bovendien bestaat er reeds een aantal betere controle-instrumenten om te waken over de stijging van de uitgaven in de gezondheidszorg. Men kan hierbij denken aan de getuigschriften voor verstrekte hulp (de zogenaamde doktersbriefjes), de profielencommissies en de diskettes en de kettingformulieren met informatie over hun prestaties die verpleegkundigen geregeld aan de ziekenfondsen moeten bezorgen. Met deze informatie kan de overheid vandaag reeds goede controles verrichten en wellicht zullen deze nog moeten worden versterkt.
Het verhaal van het verstrekkingenregister toont andermaal dat controle-instrumenten vaak “papieren tijgers” zijn: ze laten niet toe om de fraudeurs eruit te pikken maar kosten de ‘eerlijke’ zorgverstrekkers tonnen geld en papier. Controles moeten effectief zijn.
Het ziet er nu sterk naar uit dat de senaatscommissie nog voor de zomer dit register definitief afschaft.
|